Rixke Rail’s Archives

Accueil > Het Spoor > Rollend materieel > Treinen > De kajaktreinen en de Lessevallei

De kajaktreinen en de Lessevallei

Roland Marganne.

lundi 28 juillet 2008, par rixke

« Kajaktreinen » zei u ?

Dit is wel één van de origineelste treindiensten van de NMBS : een toeristentrein die ervoor zorgt dat de kajakliefhebbers zich in alle rust aan hun favoriete sport kunnen wijden van half mei tot eind september. De scène voor dit avontuur is uiteraard de Lesse, tussen Houyet en Anseremme aan de samenvloeiing van de Maas. In een onmiskenbare charmante vallei, banen de rivier en de spoorweg (lijn 166 Bertrix - Dinant) zich een weg in een betoverend kader, waarvan het natuurpark van Furfooz een groot deel uitmaakt.

 Heen met de trein, terug met de kajak

Elke dag in het toeristenseizoen vertrekt er ’s morgens vroeg een lege trein uit Bertrix met een bestuurder en een begeleider van hetzelfde depot. Vroeger was dat een stelletje oude rijtuigen M2 met een diesellocomotief reeks 52 of 53. Vandaag zijn het dieseltrekduwstellen reeks 41 die tot 450 zitplaatsen bieden ... geen overbodige luxe In het hoogseizoen !

Onze trein rijdt eerst naar Namen waar de eerste kajakkers die van overal in België met de trein zijn gekomen, inschepen om 8.40 uur. Het gaat dan rechtstreeks naar Dinant, en vervolgens als stoptrein in de Lessevallei naar de eindbestemming Houyet. De kajakkers stappen uit in Gendron-Celles of in Houyet, twee stationnetjes op een steenworp van de rivier en waar de verhuurfirma’s gevestigd zijn. Iedereen weet wat hem te doen staat. De toeristen volgen de Lesse stroomopwaarts met de trein en keren met de kajak terug naar Anseremme waar er regelmatige aansluiting is met een motorstel naar Dinant en vervolgens een IC-trein naar Namen en verder. Eens in Houyet is het voor onze spoormannen van de kajaktrein niet gedaan. De trein keert leeg terug naar Dinant en zal in de loop van de morgen nog drie keer pendelen.

 De Lesse en kajakken : een vijftig jaar oud verhaal

De Lesse afvaren met een bootje van Houyet naar Anseremme is een sport die waarschijnlijk dateert van het eind van de jaren veertig, toen vooruitziende handelaars aan de toeristen van toen houten sloepen ter beschikking stelden die geschikt waren voor een tiental personen. In een tijdperk toen individuele voertuigen nog een luxe waren, kwamen de meeste amateurs met de trein. In Dinant namen ze de stoomtrein van de Lessevallei die Dinant verbond met Jemelle via Houyet, Hour-Havenne en Rochefort. Enkele jaren later, met de opkomst van modern materiaal, konden diezelfde verhuurders - de roden, de blauwen en de gelen - kano’s en kajaks te water laten die de geestdrift nog meer aanwakkerden. Er wordt verteld dat de stationschef van Houyet, die verontrust was door de horden enthousiaste en weinig gedisciplineerde toeristen die zijn tegen dergelijke massa niet opgewassen station overspoelden, de directie vroeg meer controlepersoneel in te zetten. Want Houyet-Ardenne zoals het destijds heette, was niet alleen een station op de vertakking van de Lesselijn naar Jemelle, (die vandaag verdwenen is) maar vooral het kopstation van de lijn Houyet - Bertrix, een deel van de Athus - Meuse waar er veel grote goederentreinen mekaar kruisen. Tegenwoordig is het probleem opgelost. De NMBS heeft de recente elektrificatiewerken te baat genomen om één van de sporen van de goederenbundel om te vormen tot perron dat uitsluitend bestemd is voor kajakkers. Er is zelfs een uitgang rechtstreeks naar de Lesse om te voorkomen dat de reizigers de hoofdsporen moeten oversteken.

Enkel de spoorweg laat een snelle en gemakkelijke verbinding toe tussen Anseremme en Houyet

 Trein en kajak, een duurzaam succes

Het inzetten van de huidige toeristentrein en de klokvaste bediening in een richting Dinant-Houyet ’s morgens dateert van het einde van de jaren tachtig. En het succes blijft gewaarborgd, aangezien in het laatste seizoen zo’n 60 000 toeristen de kajaktrein hebben genomen, dankzij de formule B-dagtrips waarin de treinrit vanuit elk Belgisch station naar Houyet, de afdaling van de Lesse over 21 km in kano of kajak (een, twee of drie plaatsen) en de terugreis vanuit Anseremme begrepen is.

Waar zit hem de truc ? Welnu de Lesse wringt zich zo in bochten tussen Anseremme en Houyet dat geen enkele weg de vallei van de ene tot de andere kant verbindt. Alleen de spoorweg zorgt voor een makkelijke en snelle verbinding tussen die twee plaatsen. De lijn die in 1896 in dienst kwam speelt verstoppertje met de rivier dank zij vijf bruggen en evenveel tunnels : Pont-a-Lesse (408 m), Furfooz (460 m), Gendron-Celles (381 m), Nini (201 m) en Ardenne (507 m). Door deze kunstwerken is de lijn niet langer dan 12 km, terwijl de Lesse er 21 km over doet ! En iedereen neemt er de trein. Vaak komen we in de motorwagens personeel tegen van de kajakfirma’s die van de ene naar de andere pier sporen. Alleen de bootjes ontsnappen eraan. Zij worden teruggevoerd naar hun vertrekpunt over de weg met speciaal uitgeruste vrachtwagens met aanhangwagen.

 De lijn Dinant-Houyet en haar historisch patrimonium

Over de lijn Dinant - Houyet valt nog veel meer te vertellen. Het gemeenschappelijke baanvak met de vroegere lijn Nord Belge van de Haute Meuse Dinant - Hastière - Givet tot de vertakking Neffe, heeft de grote brug van Anseremme zijn enkelspoor over de Maas behouden.

Laten we ons beperken tot een merkwaardig stenen gebouw, in de stijl van een fort met een hoektoren en kantelen langs de spoorweg en vlak voor de tunnel van Houyet. Een rondweg omringt een grote binnenkoer, beschrijft een spiraal vanaf het sporenniveau en loopt naar boven naar een soort terras. Dit is de vroegere halte d’Ardenne, het privé-station van het naburige koninklijke paleis. Het dateert van de bouw van de Lesselijn en Leopold II maakte er regelmatig gebruik van. In 1889 liet de koning het kasteel d’Ardenne ombouwen tot een luxueus hotel en vertrouwde hij het beheer ervan toe aan de Compagnie Internationale des Wagons-Lits die rechtstreeks rijtuigen inzette vanuit Parijs-Noord ! Onder Albert ging het beheer over naar de Société des Grands Hotels, die het runde tot in 1949, hoewel de spoorweghalte al sedert jaren gesloten was. Het station van Houyet is nog altijd het originele gebouw. Een merkwaardige constructie die dateert van 1894, in kuststijl net als zijn tegenhanger Beauraing. Het was de tijd toen de architecten voor de burgerij particuliere huizen bouwden die moesten opvallen, met puntgevels met uitstekende jukken, verfraaid met lat- en houtwerk. De spoorwegarchitecten inspireerden zich hierop. Het verrassende stationsgebouw van Waulsort vlakbij, in de vallei van de Haute Meuse, is een nog extravaganter voorbeeld.

Door zijn volume straalt het station van Houyet nog steeds zijn belang van weleer uit. Het werd in het interbellum geklasseerd in 2e categorie en herbergde zo’n 22 bedienden : de stationschef, een onderchef, een orderklerk, een klerk, drie klerken van de beweging, een telefonist, een zaalwachter, een berichtenbesteller, drie laders, drie rangeerders en zes seingevers. Zoveel spoorwegberoepen die noodzakelijk waren voor de exploitatie en waarvan er vandaag zoveel verdwenen zijn. De NMBS had het goede inzicht om het gebouw vorig jaar volledig op te knappen en daarbij zijn originele uitzicht te bewaren. De gevels werden gezandstraald, waardoor de rode baksteen weer tot zijn recht komt, de dakbedekking kreeg een beurt, de elegante perronmarkies werd hersteld, het schilderwerk werd opgefrist en het interieur werd vernieuwd. De grote tegels van het eerste perron werden zelfs bewaard. Mede door het respect voor het verleden, ontsieren de spoorweginstallaties van Houyet dit plaatsje niet dat zijn toeristische aantrekkingskracht aan de spoorweg te danken heeft.

 Tot slot

Onze kajaktrein gaat kort na de middag leeg terug naar Bertrix zodra de pendelritten erop zitten om plaats te maken voor de motorstellen van de regelmatige dienst. Zo past dit pittoreske toeristentreintje in de zomer in het schema van de elektrische goederentreinen van de Europese corridor die de Belgische havens verbindt met het oosten van Frankrijk, met Zwitserland en Italië.