Rixke Rail’s Archives

Accueil > Het Spoor > Buitenland > Het China van 1980 en de spoorweg

Het China van 1980 en de spoorweg

Robert Alen.

lundi 6 mai 2013, par rixke

Toutes les versions de cet article : [français] [Nederlands]

De Chinese muur, symbool van het oude Chinese keizerrijk, is ongetwijfeld een fascinerende belevenis voor de bezoekers, die er in drommen naartoe trekken. Niet ver daarvandaan is er echter een even boeiend schouwspel waarin de enthousiastelingen van de stoomtractie hun gading vinden : we bedoelen de Transmongool die, aan de voet van de muur, via de bochten van de spoorweglijn naar de top van de Pa Ta Ling klimt.

Een ligrijtuig, zoals je wel kunt zien

De voorste locomotief, een modern type 482, zie je al van ver met zijn koplicht en de dikke, zwarte rookwolken die er boven uitstijgen ; de 12 rijtuigen van de trein, groen met gele banden, kronkelen als een metalen draak over het bochtige spoor. Op de steile hellingen wordt de trein achteraan door een enorme hulplocomotief type 2102 opgeduwd en de fluitsignalen die de goed gecoördineerde krachten van de twee machines als het ware leiden, blijven lang nagalmen tussen de rotswanden. Te oordelen naar de tractiewerkplaatsen, blijft de stoomtractie primeren in de Chinese Volksrepubliek, met ontelbare, vrij oude types 282 en machtige indrukwekkende Pacifics, zoals we er een in het station Wuhan hebben gefotografeerd ; al die locomotieven zien er brandschoon uit in hun zwarte livrei met roodgeschilderde wielen.

De Pacific in het station Wuhan

Er worden nu in China nog altijd stoomlocomotieven gebouwd, net als nieuwe dieselelektrische locomotieven : we hadden de gelegenheid een gloednieuwe locomotief van het type Dong Feng 4 - waarvan overigens een maquette op de jaarbeurs van Kanton te bezichtigen was - te zien toen die over de grote spoor- en wegbrug over de Yang-Tsé te Wuhan reed.

Diesel Dong Feng 4 op de brug van Yang-Tsé

We zijn niet meegereden in de “***kse” rijtuigen met houten banken en zonder tussenschotten ; op lange afstanden reizen buitenlandse gasten heel comfortabel in ligrijtuigen en restauratierijtuigen, die in niets moeten onderdoen voor Europees materieel. Op het traject Wuhan-Guilin kunnen er in het restauratierijtuig telkens een zestigtal gasten door het attente personeel bediend worden : tafelkleedjes, geborduurde servetten en lampjes op elke tafel, panelen versierd met bloemenfresco’s en een geruisloze ventilatie scheppen een indruk van comfort. Zonder een gastronomische hoogvlieger te willen zijn, biedt de traditionele keuken toch een aantal lekkere gerechten, zoals garnaal, slaatjes, boontjes, eend, knoedels, rijst en tot slot kruidenbouillon. Bij dit alles wordt bier, zoete rode wijn, mao-taï of gierstalcohol geschonken.

In het ligrijtuig op het traject Zhan Jiang - Wu Chang waren er afdelingen met 4 ligplaatsen, met echte matrassen, lakens, oorkussens en donsdeken en op de grond een dik tapijt, gordijntjes voor de ramen, een servet op het wandtafeltje, een lampekap en een vaas bloemen (in de stijl van de bonzaïs), wat bijdraagt tot het scheppen van een gezellige en ontspannen sfeer. Bovendien is de ophanging uitstekend, de geluiddemping bevredigend en wordt de thee met veel minzaamheid geserveerd.

Op het traject Kanton-Hong Kong hebben de salonrijtuigen geen tussenschotten, kunnen de zetels over 180° draaien en zijn er twee kleurentelevisietoestellen : het is een “prestigelijn” waarover alle buitenlanders die in Zuid-China reizen, bij aankomst of vertrek moeten gaan. De voornaamste stations die we hebben kunnen zien - Peking, Wuhan, Kanton - zijn monumentale en functionele betonnen gebouwen. Vermeldenswaard is het nieuwe station Guilin in het autonome gewest Guangxi, bekend voor zijn prachtige landschappen waarvoor terecht reclame wordt gemaakt. Het station Guilin wekt door het oordeelkundig gebruik van beton en glas een indruk van eenheid en harmonie, zonder dat het monumentaal aandoet.

We hebben zoveel bezichtigd dat we geen gelegenheid meer hebben gehad om rond te slenteren in de stations : zowel bij aankomst als bij vertrek worden de buitenlandse gasten onmiddellijk naar een klein wachtkamertje geloodst dat speciaal met een bar uitgerust is, en moeten ze de formaliteiten voor de inschrijving van bagage en de aankoop van biljetten niet zelf vervullen. Een nadeel is echter dat je er niet uit weg kunt zonder dat een bediende van de spoorweg je heel minzaam maar ietwat verlegen terugbrengt.


Bron : Het Spoor, februari 1981