Rixke Rail’s Archives

Accueil > Het Spoor > Geschiedenis > Van Sporeghem Junior > Enkele tracties uit vroegere jaren

Enkele tracties uit vroegere jaren

Phil Dambly.

lundi 20 janvier 2014, par rixke

Toutes les versions de cet article : [français] [Nederlands]

De spoorweg stond nog maar in zijn kinderschoenen toen sommigen reeds de mening opperden dat stoom duur was en wel eens zou moeten vervangen worden. Andraud, een Fransman, nam, in 1844, proeven met een machine met samengeperste lucht waarvan de silhouet, behalve de schoorsteen, veel gelijkenis vertoonde met de locomotieven van die tijd. Een freem op zes wielen droeg een vergaarbak die 3 m³ samengeperste lucht bevatte. De dag van de eerste proefnemingen doorliep de machine 3.400 m tegen een snelheid van 32 km/h... Zij zou niet veel verder lopen.

1844 - De locomotief met samengeperste lucht van Andraud.

Op 14 augustus 1847 werd de luchtspoorweg van St. Germain ingehuldigd op een 2,5 km lange helling. Het probleem was, ditmaal, niet de lucht samen te persen en in een cilinder te leiden om zo een zuiger te doen bewegen, maar wel haar vóór de zuiger weg te zuigen. De cilinder werd dus vervangen door een lange buis geplaatst midden in het spoor. De zuiger was met een stang verbonden aan het freem van het koprijtuig van de trein. Het voorttrekken geschiedde volgens het principe van het graantje dat zich in een buis verplaatst in de richting waarheen het wordt aangezogen. Dit systeem was niet economisch... Krachtige stoommachines bedienden de aanzuigingstoestellen, die boven aan de lijn opgesteld waren. Zes stoomketels moesten de ganse dag onder drukking gehouden worden om de pompen elk uur gedurende de drie minuten, nodig voor de oprit van een trein, aan de gang te brengen !

1893 - De “Elektrische Vuurpijl” of stoom-elektrische locomotief van Heilmann.

Aangemoedigd door de ontwikkeling van de elektriciteit, bouwde de Fransman Heilmann, in 1892, zijn “Elektrische Vuurpijl”, die een snelheid van 90 km/h bereikte. Op deze “stoom-elektrische” locomotief zond een stoomketel stoom in een motor met twee cilinders, die een generator aandreef welke acht op de assen geplaatste motoren onder spanning bracht. Hier werd dus, enigszins, het principe van de diesel-elektrische locomotief toegepast. De machinist en de stoker bevonden zich vooraan de locomotief in een ruime stuurhut die de motor en de generator bevatte. De stoomketel bevondt zich achteraan.

1913 - De naftaline-locomotief van Brillié-Hautier.

In 1913, werd de naftaline-locomotief van Brillié-Hautier voorgesteld. Hier verving de explosiemotor de stoom. De naftaline verving de te kostbare benzine. De motor van 70 pk geleek op de automotoren. Doch, de naftaline is een vaste stof die maar smelt bij 80° hitte. Om haar vloeibaar te maken, gebruikte men de warmte ontwikkeld door het omloopwater, zodat, om de motor aan te zetten, een bijkomende brandstof, nl. benzeen, nodig was. Deze machine sleepte 170 ton tegen 20 km/h. De oorlog van 1914 stelde een einde aan de proefnemingen.


Bron : Het Spoor, december 1959