Accueil > Het Spoor > Personeel > De seingever

De seingever

S. Ville.

lundi 28 avril 2014, par rixke

Men ziet noch hoort hem, en toch bestaat hij : een soort verborgen genie dat de rit der treinen mogelijk maakt of doet stilvallen ; de seingever, onzichtbaar voor de spoorgebruiker, leeft vaak in een cabine, afgezonderd midden de hemel, zijn gedachten en zijn treinen.

In zijn vaardige handen ligt de veiligheid en de regelmatigheid van de trafiek. Moest hij aan zijn taak te kort schieten, wat ondenkbaar is, dan zouden, aan de voet van de roerloze kandelaars en de op rood staande seinpalen, een ganse schare treinstellen plots in een verbazingwekkende onbeweeglijkheid geblokkeerd worden.

Maar deze nachtmerrie kan geen werkelijkheid worden ; het vredig kloppend hart van de seingever kan het vurige ritme der treinen niet ontberen, zijn koele wil beveelt het werktuiglijke tempo van de noodzakelijke en nauwkeurige gebaren die de weg openen naar het oneindige of afsluiten vóór de hindernis. De waakzaamheid die al de gedachten van zijn ordelijke geest doordringt, geeft hem een soort instinct dat zijn reflexen omzet in doeltreffende daden. Een enkele fout van de seingever zet de deur wagenwijd open voor de ramp en de dood : hij mag ze niet begaan, hij zal ze niet begaan.

Het ganse, daverende leven van het spoor hangt af van de onherroepelijke beslissing van deze bezadigde man die niets anders kent dan de reglementen. De inspanningen van ons gilde zouden weldra ijdel blijken, moesten de seinen, als stomme symbolen, onbeweeglijk blijven staan langs de rand der bezorgde sporen, moesten de werkeloze wissels levenloos zijn.

De seingever bezielt en kanaliseert, inderdaad, het preciese geheel waardoor het spoorwegverkeer met volle zekerheid de veilige haven kan bereiken, wat nergens anders het geval is. Geen wielomwenteling doet de spoorstaven sidderen onder de trillende assen zonder zijn voorafgaand ingrijpen.

Zijn diepe kennis van het prachtige werktuig dat hij beveelt, heeft hij te danken aan zijn studie, zijn ondervinding en zijn schranderheid. Niet iedereen kan seingever worden. Deze kiese taak wordt alleen aan een keurgroep toevertrouwd : lichamelijke gaafheid, bezonnenheid, weerstandsvermogen, nauwkeurigheid der zintuigen zijn de onontbeerlijke lichamelijke hoedanigheden die moeten uitstralen van de kalme, bezadigde, tuchtvolle en bedachtzame persoonlijkheid die aanvaardt dit actieve en veeleisende soort van kluizenaarsbestaan te leiden. Hoe jonger de man is, hoe geringer zijn ondervinding is, hoe steviger zijn zelfbeheersing moet zijn, wil hij iedere gevaarlijke vlucht voorkomen uit de enge perken opgelegd door de beroepsconsignes. Er is dan ook een zekere moed vereist om een loopbaan aan te vatten waarvan men vooraf weet dat de minste vergissing misschien betaald zal worden met het bloed van anderen.

De gewoonte, de jaren, de systematische en trapsgewijze uitschakeling van de aan het werk vreemde invloeden doen, stilaan, het gevoelen van verplettering en angst verdwijnen dat ongetwijfeld hangt boven de eerste dagen waarin de seingever zelfstandig optreedt. Maar, al wordt zij minder zwaar, minder drukkend, minder merkbaar, toch blijft deze fundamentele verantwoordelijkheid wezenlijk bestaan met al haar sluimerende bezorgdheden en drukt zij op de functie een stempel van een zelden geëvenaarde ernst en mannelijkheid. Dat weten al de spoormannen en zij schatten de gewichtige zending van de seingever op haar juiste waarde.

Niets mag, niets zal hem verstrooien. Hij behoort, met lichaam en ziel, aan zijn telefoon, zijn handels, zijn schakelaars, zijn reiswegen ; zijn aandachtige blik overschouwt de wissels en de seinen ; zijn waakzaam gehoor blijft onverdroten ontvankelijk voor de deinende fluittonen van de rangeerder, voor de klare taal der motoren, voor de oproepen en bevelen van de leiders ; hij verklaart en vertolkt dadelijk al de eisen van de beweging met de absolute nauwkeurigheid die vereist is om de tussen de wagens slovende makkers te beschermen en de reiswegen stipt te trekken. Een onberedeneerde beslissing, een verwarring van een fractie van een seconde kan de oorzaak zijn van een onvergeeflijke kruising in de wissels, van een tragische aanrijding, van een noodlottige botsing met al de dramatische gevolgen vandien. Hij is zich volkomen bewust van zijn verantwoordelijkheid. Hij weet dat zijn activiteiten, standvastig en tegelijkertijd, de beweeglijke harmonie van het vervoer en het leven van zijn evenmensen omvatten en deze zekerheid verheft hem in zijn eigen ogen en verscherpt de diepe opvatting die hij heeft over zijn plicht en zijn levensregel. Hij zal in dit opzicht nooit in gebreke blijven onder geen enkel voorwendsel : het minste te kort schieten in deze gebiedende verplichtingen, zou het einde betekenen van zijn eigen sereniteit en de onherroepelijke vernietiging van het volledige en verdiende vertrouwen dat wij in hem stellen. Hij weet zulks. Hij zal ons vertrouwen niet beschamen.

Niets in zijn uiterlijk onderscheidt deze weinig alledaagse man van de overige arbeiders. En toch belichaamt hij dat duurzaam evenwicht van de geest, die rechtschapenheid in de uitvoering van een taak, die mathematische tucht, die onafgebroken en stipte samenwerking van onze bedienden, zonder welke de spoorweg onmogelijk zou kunnen voortbestaan. Wij kunnen ons verlaten op de seingever ; dag en nacht waakt hij onverdroten met zijn wilskracht en stielkennis over ons dierbaar werktuig, het spoor.


Bron : Het Spoor, maart 1961