Rixke Rail’s Archives

Accueil > Het Spoor > Geschiedenis > Van Sporeghem Junior > De eerste tunnels

De eerste tunnels

vendredi 23 janvier 2009, par rixke

Toutes les versions de cet article : [français] [Nederlands]

Tunnel van Liverpool

Men mag beweren dat de tunnels door de spoorwegen in het leven werden geroepen. Inderdaad, die welke voor wegen werden geboord, waren zeer kort en erg smal en absoluut niet te vergelijken met de tunnels die door de ingenieurs van het spoor werden gegraven.

De eerste belangrijke tunnels werden in 1826 en 1828 geboord in Frankrijk door Marc Seguin en zijn broers, voor de lijn Saint-Etienne - Lyon. Wegens de aard van de bodem was hun doorboring buitengewoon lastig. Om beter te weerstaan aan de druk van de aardmassa’s, werden de « galerijen » van Terrenoire, Rive-de-Gier en Lyon, die 5 m hoog en 3 m breed waren, eivormig gebouwd. Die van Terrenoire was 1.500 m lang.

Aanvankelijk geschiedden de doorboringen door een reeks putten die op enkele meters van de as van de ontworpen tunnel gegraven werden. Met behulp van houwelen werkte men eerst tot aan de as, daarna werd de bodem in de beide tegenover gestelde richtingen onder handen genomen. De werklieden arbeidden, geleid door een kompas, in het licht van lantaarnen. De weggegraven aarde werd ontruimd langs de putten en, nadat de uiteinden bereikt waren, langs de openingen van de onderaardse gang.

Omstreeks 1860 waren de voornaamste tunnels die van de Nerthe, tussen Marseille en Avignon (4.600 m), van Blaisy, op de lijn Paris-Lyon (4.100 m), van Credo, op de lijn Lyon-Genève (3.900 m), van Rilly, op de lijn van Reims (3.600 m), van de Apennijnen, tussen Turijn en Genua (3.100 m), van Hommarting, op de lijn Paris-Strasbourg (2.778 m), van Hauenstein, op de centrale Zwitserse Spoorweg (2.500 m).

Op dat tijdstip waren de tunnels in Engeland nog zeldzaam. De oudste is die van Liverpool ; hij werd gebouwd in 1831, was 1.800 m lang en werd verlicht met gas.

Beïnvloed door sommige lui, stond het volk lange tijd afkerig tegenover de tunnels, bevreesd als het was voor de ontploffing der locomotieven onder het gewelf, voor de temperatuursverschillen en ook wel uit bijgeloof.

De doorboring van de Cenisberg. een reusachtige onderneming voor dat tijdstip, werd, in 1849, voorgesteld door de Belgische ingenieur Maus.

Galerij van de spoorweg Saint-Etienne - Lyon

Bron : Het Spoor, juli 1964