Rixke Rail’s Archives

Accueil > Het Spoor > Infrastructuur > Signalisatie > De evolutie van de seinposten

De evolutie van de seinposten

L. Devillers, hoofdingenieur E.S.

mercredi 13 octobre 2010, par rixke

Toutes les versions de cet article : [français] [Nederlands]

 De eerste seinhuizen

Van bij het ontstaan van de spoorwegen werden de handels, die de seinen en wissels doen bewegen, gemakshalve gegroepeerd. In Engeland werden de eerste seinhuizen reeds tussen 1840 en 1850 in dienst genomen. Een weinig later verschenen zij ook op het Vasteland.

Een oud Saxby-seinhuis te Zinnik.

Daar het naast elkaar plaatsen van volkomen gelijke handels de vergissingen in de hand kon werken, vatte de Franse wisselwachter Vignier, in 1856, de gedachte op “tussen de handels kleine stukjes hout met tegengestelde werking in te schakelen, waardoor het onmogelijk werd een handel te bedienen als de stand van de andere handels in strijd was met de veiligheid”. Saxby zou later deze eenvoudige manier van inklinking verbeteren ; het is trouwens de Engelse firma Saxby & Farmer die bij ons de eerste seinhuizen invoerde.

 De electromechanische seinhuizen

In de eerste posten van het Saxby-type was de verbinding tussen de handels en de wissels door middel van zware stangen verwezenlijkt. De passieve weerstand van dit logge mechanisme beperkte zijn actieradius en eiste van het personeel een tamelijk zware lichamelijke inspanning.

Een Saxby-seinhuis te Oudenaarde.

Een gevoelige verbetering werd bekomen door het aanwenden van een nieuw type seinpost waarbij de stangen door stalen draden vervangen werden. De verwezenlijking van dit type ging gepaard met een verbetering van de inklinkingen en de verder doorgedreven invoering van de electrische controle op afstand.

De zware stangen van het Saxby-seinhuis te Oudenaarde.

Alhoewel de actieradius van dit nieuw type seinpost gevoelig toenam, was het zelden mogelijk al de toestellen van een station van gemiddelde belangrijkheid vanuit één enkele post te bedienen.

Om de continuïteit van de bewerkingen in een zelfde zone, waarvan de toestellen door verscheidene posten bediend werden, te bekomen, moesten tussen deze posten talrijke telefonische mededelingen en tijdrovende toelatingen (sloten) gewisseld worden.

 De electrische seinhuizen

In 1903 werd te Antwerpen de eerste post opgericht waarin de electrische energie gebruikt werd voor de bediening van de wissels en seinhuizen. Deze electrische bedieningspost was gekenmerkt door een veel grotere actieradius zonder van de seingevers een merkbare lichamelijke inspanning te vergen. De gemakkelijke uitvoering van de bewerkingen bracht een versnelling mee van de bewegingen die de exploitatie vereiste. Door het groeperen van verscheidene kleine seinposten in één enkel seinhuis, verminderden bovendien het aantal telefonische mededelingen en “sloten”.

In tien jaar, richtte de firma “Siemens” een twaalftal electrische bedieningsposten van dit type op in enkele belangrijke stations van het net [1]. De laatste van de reeks kwam te Namen in dienst op de vooravond van de eerste wereldoorlog.

Van 1920 af, vervaardigde de firma A.C.E.C. [2] electrische bedieningsposten die veel gelijkenis vertoonden met die welke wij hiervoren bespraken.

Een kleine ploeg, samengesteld uit ingenieurs, meestergasten en electriciens, van de seininrichting der Belgische spoorwegen, werd belast met de aanleg van die posten en met hun verbinding met de toestellen in het spoor. Zo ontstond een dienst die nog alles moest in ’t leven roepen, en waarvan het personeel, gedurende meer dan dertig jaar, de gespecialiseerde tak van de “electrische seinhuizen” zou vormen in de grote familie van de electriciens van de seininrichting.

Een Siemens-seinhuis te Vorst-Zuid.

Ondanks zijn voordelen op technisch gebied, drong de electrische bedieningspost zich nochtans niet op als een systematische mededinger voor de posten met mechanische handels. Wegens zijn betrekkelijk hoge bouwkosten, waarin vooral de prijs van een aanzienlijk kabelnet en van een ruim zelfstandig voedings-onderstation een rol speelden, werd dit seinhuis in het begin alleen aangelegd in grote instellingen die tot dan toe door verscheidene kleine mechanische posten bediend werden.

Tot in 1940, hetzij gedurende twintig jaar, werden slechts een honderdtal van deze electrische bedieningsposten in dienst genomen. Zij waren bijna allen van het oorspronkelijk, klassiek geworden type, waarin elke wissel door een afzonderlijke kruk bediend wordt. Te Manage, in 1938, en te Brussel-Zuid, in 1939, werd een geperfectioneerde post aangelegd, waarin al de wissels van een zelfde wisselstraat door één enkele kruk konden bediend worden. De tijdwinst in de voorbereiding der bewegingen werd echter maar verwezenlijkt ten koste van een meer omvangrijke en duurdere apparatuur.

De stalen draden van het Siemens-seinhuis te Vorst-Zuid.

Terzelfder tijd werden talrijke posten met mechanische handels gebouwd of hernieuwd en werden, te dier gelegenheid, de vorderingen toegepast, die verwezenlijkt waren op het gebied van de electrische controles op afstand.


Bron : Het Spoor, n° 8, april 1957


[1Antwerpen : 1 ; Brussel-Noord : 5 ; Leuven : 2 ; Charleroi : 1 ; Marchienne-au-Pont : 2 ; Aalst : 1 ; Namen : 1.

[2Ateliers de Constructions électriques de Charleroi (Werkhuizen voor electrische constructies van Charleroi).