Homepagina > Het Spoor > Infrastructuur > Overweg > De TV aan de OW

De TV aan de OW

maandag 27 mei 2024, door Rixke

Alle versies van dit artikel: [français] [Nederlands]

Sedert enkele tijd „helpt” de televisie de spoorweg bij het toezicht op het wegverkeer aan de overwegen. Zo functioneren installaties voor teletoezicht te Gent-Muide, Roeselare en Aat. Gelijkaardige installaties worden trouwens ook door de C.F.L. gebruikt.

De laatste tien jaren is de modernisering van de OW een beslissend stadium ingetreden: dank zij de automatisering kon de bewaking aan de OW gevoelig verminderd worden en is het beslist niet vermetel te beweren dat het beroep van overwegwachter op een goeie dag zal worden ondergebracht in de spoorwegmusea waar het, samen met de stoomtractie en andere herinneringen aan vroegere tijden, voor het nageslacht bewaard zal worden.

Een camera van de OW 76 te Aat.

Hoewel, in principe, alle OW geautomatiseerd kunnen worden, blijven er toch nog altijd, inzonderheid in de wisselstratencomplexen van de grote stations, waarvoor die oplossing een langdurig oponthoud van het belangrijk wegverkeer aan onze overwegen met zich zou brengen: doorgaans verlopen er meer dan twee minuten tussen het ogenblik waarop de overweg automatisch gesloten wordt en het ogenblik waarop hij opnieuw kan worden geopend. In die omstandigheden is het verkieslijk de slagbomen te laten bedienen door het dichtst bijgelegen seinhuis en, met behulp van het teletoezicht, dat seinhuis in staat te stellen het oponthoud van het wegverkeer tot een minimum te beperken.

Hoe werkt nu een installatie voor teletoezicht? Wanneer de trein aangekondigd wordt, drukt de seingever op de bedieningsknop van het toestel. Vanaf dat ogenblik treden de camera’s, die aan weerszijden van de sporen opgesteld zijn, in werking, zelfs ’s nachts dank zij een versterkte buitenverlichting; ze worden schier ogenblikkelijk ingeschakeld. Op het geschiktste ogenblik kan de seingever dan de bedieningsknop voor het sluiten van de slagbomen induwen, wat het hierna volgend proces aan de gang brengt:

  • aan weerszijden van de OW gaan twee rode flikkerlichten aan; een geluidssein treedt in werking;
  • acht seconden later gaat voor elke rijrichting naar de OW de gedeeltelijke slagboom van rechts naar beneden (duur van het manoeuvre: zeven seconden);
  • vijftien seconden later worden de gedeeltelijke slagbomen van de linkerzijde van de weg gesloten (duur van het manoeuvre: zeven seconden).

Dat tijdsverloop van vijftien seconden houdt rekening met de lengte van de oversteekplaats, zodat de weggebruiker die zich op het spoor bevindt, dit tijdig kan ontruimen.

Schermen en bedieningstabel.

Zodra de controle op de sluiting van de slagbomen verkregen is, houdt het geluidssein op, maar blijven de rode lichten die de slagbomen beschermen, flikkeren. Kortom, de volledige cyclus van de bewerkingen die het sluiten van de vier gedeeltelijke slagbomen van een met teletoezicht uitgeruste OW tot gevolg hebben, vergt ongeveer 40 seconden.

De sluiting van de overwegen, die in het seinhuis gecontroleerd wordt, maakt het de seingever mogelijk de camera’s uit te schakelen en tegelijkertijd de spoorwegseinen op veilig te stellen.

Naast de bediening van het sluiten der OW, is het steeds mogelijk, door het indrukken van een knop, het teletoezicht op de installaties in werking te stellen. Dat teletoezicht houdt aan zo lang die knop ingedrukt blijft.


(fotografische reportage van G. Finet.)

Bron: Het Spoor, augustus 1967