Homepagina > Het Spoor > Wist U dat ? > U.I.C.: Zoeken naar het optimaal comfort van de reizigers
U.I.C.: Zoeken naar het optimaal comfort van de reizigers
vrijdag 25 oktober 2024, door
Alle versies van dit artikel: [français] [Nederlands]
In 1966 belastte de U.I.C. een werkgroep met het zoeken naar het optimaal comfort van de reizigers. Die groep bestaat uit vertegenwoordigers van de commerciële diensten, de exploitatie, de technische diensten en die van de buitenrelaties van de verschillende netten alsmede van de Internationale Maatschappij der Slaapwagens en van het Toerisme. Wegens de fysiologische en psychologische aspecten van het probleem, heeft men bovendien een ruime plaats ingeruimd aan de vertegenwoordigers van het geneeskundig korps.
Het speurwerk heeft tot doel alle krachten te bundelen om van de spoorweg het vervoermiddel te maken dat de mens het meest respecteert. De groep onderzoekt de factoren die van de reis een vermoeienis of een ontspanning kunnen maken; hij maakt de lijst op van de verlangens en de behoeften van de reizigers en tracht na te gaan waarom iemand in fysisch of psychologisch opzicht een gemis aan comfort ervaart.
Voor het probleem van het geluid en van de trillingen, verloopt het speurwerk in het domein van de gehoor- en evenwichtsorganen, alsook in dat van het zenuwstelsel en van de bloedsomloop. Er werd een uitgebreide enquête gevoerd onder de reizigers die de rijtuigen van de lange afstandstrajecten gebruiken.
Het probleem van de rijtuigzetels is ingewikkeld vermits ze aan een zeer grote verscheidenheid van gebruikers aangepast moeten worden. De in de verschillende landen ondernomen onderzoekingen maakten het mogelijk een bepaald aantal anatomische afmetingen vast te leggen. Dank zij die inlichtingen kunnen sommige aspecten van de zetels gestandaardiseerd worden en kan men beter tegemoetkomen aan de verlangens van het merendeel der reizigers door de wervelkolom op efficiënte wijze te ondersteunen, doch tevens te vermijden dat er op het achterste deel van de bil of op de kuitspieren een drukking zou worden uitgeoefend.
Het onderzoek betreffende de inwerking op de ogen van verlichting, kleuren, beweging en snelheid is ver gevorderd. Indien het duidelijk is dat de fluorescentielamp de oplossing is voor de toekomst, dan is de keuze van de kleur een heel wat moeilijker probleem. Er werd namelijk uitgemaakt dat bepaalde kleurentinten reisziekte bevorderen. Een snelheid, gaande van 200 km/u. schijnt geen fundamentele problemen te doen rijzen. Voor hogere snelheden zou het wellicht geraden zijn de waarneming van het landschap te reduceren: men heeft vastgesteld dat er zich bij sommige personen misvormingen voordoen in de elektro-encephalografische waarneming wanneer de beelden elkaar snel opvolgen.
Bron: Het Spoor, april 1969
Rixke Rail’s Archives