Blenkinsop, mijndirecteur te Middleton, wou zijn wagens laten slepen door locomotieven waarvan hij zelf de aandrijvingswijze had uitgevonden. Uit vrees voor het gebrek aan adhesie liet hij een tandwiel ingrijpen op een tandreep die evenwijdig met de sporen liep. Nadat hij op dit stelsel een octrooi genomen had, liet hij te Leeds bij Feston, Murray & Wood vier machines bouwen die door Matthew Murray ontworpen waren. Deze laatste had twee verticale cilinders opgesteld die door middel van (…)
Articles les plus récents
-
De adhesie, nachtmerrie van de voorlopers
23 januari 2009, door Rixke -
De verlichting der rijtuigen
23 janvier 2009, par RixkeDe elektriciteit
Van 1882 tot 1893 werd de verlichting met accumulatorenbatterijen beproefd op de Nord français, op de Jura-Simplon, in Duitsland, Oostenrijk en Italië. Maar wegens het gewicht der batterijen (500 tot 600 kg. per rijtuig) en het hinderlijke bijladen raakte dit procédé in onbruik.
Omstreeks 1900 werd opnieuw elektriciteit aangewend, thans opgewekt door zelfvoortbrengende stelsels, gevormd ofwel door één kleine dynamo per voertuig, ofwel door een enkele dynamo voor heel de (…) -
Le Belge, première locomotive construite en Belgique
23 janvier 2009, par RixkeLa Belgique s’enorgueillit d’avoir vu naître sur son sol le premier chemin de fer du continent. Comme nous l’avons écrit précédemment, le matin du 5 mai 1835, les trois tronçons du train inaugural étaient remorqués par les locomotives « La Flèche », « Stephenson » et « L’Eléphant ». Le mois de juillet de la même année vit paraître la quatrième locomotive, « La Rapide ». Le 5 août arrivait la cinquième, « L’Eclair ». Ces cinq locomotives, appelées « remorqueurs » à l’époque, avaient été (…)
-
De Belg, eerste locomotief van Belgische constructie
23 januari 2009, door RixkeOns land ging er prat op de bakermat te zijn van de eerste vastelandsspoorweg. Op 5 mei 1835 werden de drie delen van de openingstrein gesleept door de locomotieven «De Pijl», «Stephenson» en «De Olifant». In juli, amper drie maanden later, arriveerde «De Snelle ». «De Weerlicht», de vijfde in die reeks, bereikte ons op 5 augustus. Die «slepers», zoals men ze destijds noemde, werden door Stephenson geleverd.
Op 30 december verliet «De Belg» de werkplaatsen van Cockerill, te Seraing. De (…) -
Evolutie van de tender in België
23 januari 2009, door Rixke -
De seinen met armen van de NMBS
23 januari 2009, door RixkeNa de biografie van John Saxby, de pionier van de seininrichting, leek het ons gepast een en ander te vertellen over de seinpalen met armen, die voor heel wat reizigers het ware symbool zijn van de seininrichting van het spoor. De oude seinarmen brachten, door een stel van stangen, hun beweging over op een onafhankelijk drieogig scherm met gekleurde glazen (rood, geel en groen) die, b.v., ’s nachts en bij mistig weer zichtbaar zijn. Bij de meer recente seinen is het drieogig scherm in de (…)
-
Oorsprong van de spoorwegen
23 januari 2009, door RixkeDoor de meesterlijke vereniging van het spoor en de locomotief, heeft de spoorweg in het menselijk bestaan een echte omwenteling teweeggebracht.
Met dit sleeptuig dat op sporen loopt, heeft de mens voor het eerst de 100 kilometer per uur bereikt.
Indien de luchtband op de weg de harde wielband uitgeschakeld heeft, indien de straalmotor in het vliegwezen de zuigermotor vervangt, indien de bovenleiding en de dieselmotor bij de spoorweg de plaats van de stoomketel innemen, toch blijft het (…) -
Spoorstaven en dwarsliggers
23 januari 2009, door RixkeDe bovenrand van een spoorstaaf is afgerond opdat de hellende wielband er beter op zou passen. Het is de spoorstaafkop. De benedenrand van de spoorstaaf is ofwel een tweede kop, ofwel een platte basis of voet. Het lijf van de spoorstaaf is het deel tussen de kop en de voet.
De spoorstaven rusten op de dwarsliggers, lichtjes hellend naar het midden van het spoor.
Om de spoorstaaf met dubbele kop te handhaven, zijn er spoorstoelen nodig in de vorm van een klauw (kussentje). Zij werd (…) -
Rails et traverses
23 janvier 2009, par RixkeLa partie supérieure d’un rail est arrondie pour épouser le bandage conique de la roue. C’est le champignon. La partie inférieure du rail est soit un second champignon, soit une base plate ou patin. L’âme du rail est la partie comprise entre le champignon et le patin.
Les rails reposent sur les traverses, légèrement inclinés vers l’intérieur de la voie.
Le rail à double champignon exige des supports en forme de mâchoires (des coussinets) pour le maintenir en position. Il fut préconisé en (…) -
Draaischijven en draaibruggen
23 januari 2009, door RixkeDe wissel laat een hele trein van een spoor naar een ander overgaan; de draaischijf verleent eveneens toegang tot andere sporen maar zij kan slechts een voertuig tegelijk ontvangen.
De draaischijf omvat een in een put geplaatst vast platform waarop een beweegbaar platform draait, dat, op gelijke hoogte met de te bedienen sporen, een rechthoekige kruising draagt. Looprolletjes, die tussen de twee platformen bevestigd zijn, zorgen voor de stabiliteit van het geheel. In ruststand wordt het (…)
Rixke Rail’s Archives